zaterdag 12 februari 2011

Van Waitangi, via Ruakaka en Shelly Beach, naar Auckland.



7 -11 februari, van Waitangi, via Ruakaka en Shelly Beach, naar Auckland.
Hier onze laatste update vanuit Nieuw Zeeland. 
We zijn vanuit Paihia (wat naast Waitangi ligt) met de ferry overgestoken naar Russell. Dat is vergelijkbaar met het Noordzeekanaal oversteken bij IJmuiden. In Russell een beetje rondgekeken (een van de oudste stadjes in NZ, de oudste kerk “Christ Church” staat hier) en verder langs de kronkelige kustweg naar het zuiden richting Whangarei. Ton wilde eigenlijk nog in Whangarei op een camping staan (en iets meer van de stad zien), maar de camping die we vonden was het niet helemaal. Toen maar verder naar het zuiden gereden en in Ruakaka uitgekomen. 
Een camping aan het estuarium aan Bream Bay.
Het is een natuurreservaat en aan de rand een huge (dat woord gebruiken ze hier vaak) camping, erg goedkoop en best wel heel netjes. We waren van plan om maar een dag te staan maar we vonden het zo mooi dat we er nog een hebben bijgeboekt. Het is vlak bij de enige olieraffinaderij van Nieuw Zeeland. De haven is hier erg diep, dus vandaar op deze mooie plek(helaas). Ook is er een overslag voor bomen. Iedere 5 minuten komt er een truck aan met hout. Er lag een enorme berg boomstammen en een aparte afdeling alleen voor het zaagsel (dat ook met grote vrachtwagens wordt aangevoerd). We vermoeden dat daar spaanplaat of zo van gemaakt wordt.
Op dinsdag de 8e hebben we in de ochtend boodschappen gedaan en ’s middags vanuit de camping langs de riviermonding richting zee gelopen. De rivier stinkt want hij is nog steeds behoorlijk vervuild na de overstromingen van cycloon Wilma, je mag er ook niet zwemmen (wat je, vanwege de drab en stank, ook wel uit je hoofd laat). Daarna heerlijk over het strand gewandeld en in de woeste zee gezwommen en in de golven gedoken, heerlijk! Het strand is hier ruim 14 kilometer lang, zelfs voor Nieuw Zeelandse begrippen behoorlijk lang (maar komt nog lang niet in de buurt van de Ninety Miles Beach in Northland).
Nanneke was het lopen op een gegeven moment zat en wilde nog wat in het zand spelen

, Ton kon er niet genoeg van krijgen en liep nog wat verder. Een stuk verder kwam hij op een plek waar je de duinen op kon klimmen, daar heel toevallig een officiele begraafplaats voor gestrande walvissen. Er stranden hier regelmatig walvissen in NZ, in de 6 weken dat wij er nu zijn geweest in ieder geval 2 keer.

Op woensdag wilden we eigenlijk al wat richting Auckland gaan dus verder afgezakt naar het zuiden. In Helensville nog boodschappen gedaan en op het super-de-luxe openbare toilet gezeten met een stem die verteld dat je 10 minuten hebt en daarna muziek. Uiteindelijk belanden we in Shelly Beach, dat is aan de westkant boven Auckland in de Kaipara Harbour.
Shelly beach maakt duidelijk hoe het aan zijn naam komt. Het strand ligt vol met schelpen.
In het restaurant kun je betalen voor de camping en heeft als slogan: “You catch them, we cook them”. Eigenlijk mag het geen camping heten meer een parkeerplaats met een wc en douche en een aantal powered sites.. Dat valt wat tegen en ook de plek is niet echt bijzonder (hoewel de aarde bij de kust van hele aparte, zachte klei is met allerlei fantatische mooie roeststrepen).
Uiteindelijk maar 1 dag gebleven. Nanneke wilde graag nog naar Auckland en dus op donderdag maar naar Manukau gereden.  Eerst naar Kaukapakapa (even voor Helensville) teruggereden omdat we van een man op de camping in Ruakaka een tip hadden gekregen dat daar zo’n mooie tuin is met kunst.
En inderdaad, naast een tuincentrum (die er ook heel verzorgd uitziet) ligt een Art garden. Werkelijk prachtige kunst. Helaas te groot voor in de koffer. We hebben er bijna 2 uur rondgelopen en Ton kon weer niet stoppen met foto’s maken.




Behalve de kunst was de tuin ook erg mooi, met een gigantische variatie aan planten en bomen. Zowel inheemse als ingevoerde. W keken nog even in het tuincentrum en een Kauri van 2 meter  kost daar maar 9.99 dollar, ongeveer 6 euro. Erg goedkoop vergeleken met onze tuincentra, helaas past ie niet in de koffer.
Na het eten door, richting Manakau. Dit is een voorstad ten zuiden van Auckland en redelijk dicht bij het vliegveld. Het plan was om de camper op de camping te zetten en dan terug te gaan met de bus, maar omdat we al redelijk bekend in Auckland zijn durfde Ton het aan om met de camper de stad in te gaan. Omdat Auckland op zo’n smal stuk land ligt( op een plek zelfs maar 6 kilometer breed, met links en rechts de zee) gaat de autoweg naar het zuiden dwars door de stad. Dus na de afslag sta je midden in de stad. Nog even geshopt en toen door naar Manukau, midden in de spits dus met wat file....
Het is de camping die het dichtst bij het vliegveld ligt en dus gaan daar veel mensen heen die hun laatste avond doorbrengen in hun camper. De camping was overvol en iedereen was aan het inpakken, opruimen en afwassen. In de keuken stond een bak waar je je overgebleven spullen in kon zetten en die je (als je toevallig niet aan het einde van de reis was) eventueel ook gratis mocht meenemen. Wel 10 dezelfde potten zout en peper stonden erin.
We zagen ook iemand zijn camper aan het plamuren en schuren, waarschijnlijk om een kras of gat te verbergen. We mochten tot vrijdag 12 uur in de middag blijven en om 3 uur ’s middags moest de camper worden ingeleverd.
Eerst naar het motel gereden waar we de laatste nacht blijven en de bagage weggebracht en toen naar het verhuurbedrijf. Omdat we zoveel problemen met onze camper(s) hebben gehad zouden we een gesprek hebben met de manager. Echter die was ziek en de assistent was vrij. Complaint handling dus maar weer via de mail...  
Toen met de taxi naar de Oakwood Inn en zit Nanneke om 17.00 uur in de kamer dit stuk te schrijven en Ton doet en tukje. Het is hier nog steeds erg warm(zo’n 28 graden) en morgen hebben we nog tot ongeveer 16.00 uur voor we in moeten checken.
Ondertussen is het zaterdagmorgen de 12e en zijn alle foto's bij de blog gezocht en kan het laatste bericht uit NZ gepubliceerd worden.
Wat we de rest van de dag gaan doen weten we nog niet. We vliegen van Auckland naar Melbourne voor een tussenstop en dan van Melbourne door naar Dubai. Van daaruit verder naar Amsterdam. Zo’n 25 uur vliegen voor de boeg. De Nintendo en de boeken zijn weer opgeladen. We zijn er helemaal klaar voor!!
Tot slot: de reis was, ondanks de probleempjes met de camper, helemaal fantastisch en we hebben schitterend weer gehad!!!!!!!

Veel groeten,
Ton en Nanneke

Ps.
O ja, of en waar we hier gaan wonen beslissen we pas als we weer thuis zijn. Zoals Sjaak terecht opmerkte: zo’n besluit moet de pas nemen als de roze bril weer af is.

dinsdag 8 februari 2011

Van Kerikeri via Trounson Kauri Park naar Waitangi,, 3 tot 6 februari

Vanuit Kerikeri vertrokken op donderdag de 3e februari en ‘overgestoken’ naar de andere kust. Via de Twin Coast Tourist Route, zoals de weg zo mooi heet. De andere (snellere) weg hadden we vorige keer al gedaan. We bedenken pas dat er nog boodschappen gedaan moeten worden als we al langs de grootste plaats gereden zijn. We doen dus boodschappen bij de “4-Square” in Opononi.


Dit ligt aan de westkust en daar is in 1955-56 een dolfijn een tijdlang in de baai geweest om met de mensen te zwemmen. Hij werd Opo genoemd en trok in die 1,5 jaar duizenden bezoekers en werd een levende legende. Helaas werd hij in 1956 doodgevonden aan de kust (vermoedelijk door dynamietvissers bewust afgemaakt, een dolfijn vist immers in dezelfde wateren als beroepsvissers). Er staat een beeld in het kleine plaatsje waardoor het nog steeds beroemd is, Ton raakte in gesprek met een oudere Maori en die had zelf in die tijd (als kleine jongen) met de dolfijn gezwommen.
Daarna door Waipoua Forest gereden. Hier staat een gigantische Kauri boom, Tane Mahuta, wat “god van het bos” betekent.



Hij is rond de 2000 jaar oud en werkelijk immens. De foto’s doen geen recht aan het indrukwekkende beeld van deze Kauri, overigens een typische Nieuw-Zeelandse boom. Het hele bos staat vol met deze jongens, maar deze spant de kroon met een omtrek van ruim 14 meter. Daar is onze kastanje thuis maar een ukkie bij.
Even zuidelijker in Trounson Kauri Park, de DOC camping opgezocht. Een leuke camping en meteen om de hoek begint het bos. Wel redelijk druk. Ton gaat ‘s middags al op onderzoek uit en Nanneke doet een tukje en wil vanavond laat naar het bos, Ook in dit bos staan hele dikke Kauri’s van zo’n 1000 -1200 jaar oud.
Voordat je het bos ingaat moet je met speciale vloeistof je schoenen schoonspuiten omdat de wortels van de Kauri erg kwetsbaar zijn en vatbaar voor schimmels. Om alle “belangrijke” Kauri’s (waaronder Four Sisters)

staan dan ook hekken zodat je de wortels die dicht bij de stam zitten (en blijkbaar zorgen voor de belangrijkste voeding aan de boom) niet kunt beschadigen.
Om een uur of 10 ’s avonds gaan we met zaklamp erop uit om een kiwi ‘te scoren’. Maar helaas, alleen glimwormen en veel geluiden (bladeren die vallen enzo).
Ook in een flits een opossum gezien. De van oorsprong Australische opossums zijn een ware plaag hier in Nieuw Zeeland want ze hebben niet echt natuurlijke vijanden. Ze eten van alles maar ook, en dat is onvergeeflijk, kiwi vogels (kiwi’s kunnen niet vliegen en dus bijna ook niet ontsnappen) en hun eieren. De nationale sport is hier dan ook opossums doodrijden, ik denk dat we in de loop van deze 6 weken honderden platgereden opossums als roadkill hebben zien liggen. Ook wordt er op gejaagd en van de haren wordt, samen met merinowol, heel zachte wol gemaakt. Er is hier zoveel te eten voor de opossum dat ze hier zich gigantisch voortplanten.
                                     
Op vrijdag de 4e vast vertrokken om naar Waitangi te gaan. Nu via Dargaville en Whangarei weer naar de oostkust, naar de Bay of  Islands. Eerst de zeepdoos en shampoo opgehaald die Nanneke had laten liggen op de camping bij Whangerei Falls. Toen we door Whangarei reden zagen we opeens de straat waaraan de garage lag waar we een week tevoren naar toegestuurd waren om naar de water-lekkage te kijken. Het bleek een scheur in de tank te zijn, maar we besluiten om maar door te gaan om niet nog een dag te verliezen. Het lekken gaat niet zo heel snel, dus we die paar dagen leven er wel mee door.
Door dus naar Waitangi. Daar is het op zondag Waitangi-dag. In 1840 is daar door een afgezant van de Engelse gouverneur en Maori-stamhoofden een overeenkomst (Waitangi Treaty) gesloten om geen onderlinge oorlogen meer te voeren, over de landverdeling en over het gezag van de Engelsen. Er was voor die tijd vaker oorlog onderling en ook met de Engelsen is vaak gevochten. Kijk eventueel op www.waitangi.net.nz
Hier is beschreven wat de treaty precies inhoudt. Waitangi Days is hier een nationale feestdag, net zoiets als bij ons koninginnedag.
We konden gelukkig een plek vinden op een camping in Paihia op 100 meter van het feestterrein en ongeveer 500 meter van de Treaty Grounds en kunnen daar de 3 volle dagen staan na enig twijfelen van de eigenares. Ze had eigenlijk alle plekken vol maar zei dat ze daar wel een oplossing voor vond.
Op deze camping staan ook de Maori die met de waka’s(oorlogskano’s) varen. Dus zo nu en dan komt er een grote groep “yellend” langs om te oefenen.

Het is hier erg warm (zo’n 30 graden) en Ton besluit om gauw even te gaan zwemmen. Later zien we de borden staan dat zwemmen sterk wordt afgeraden vanwege vervuiling vanuit de rivieren (naweeën van de cycloon Wilma). Maar de locals duiken zelfs van de brug en aardig wat mensen zijn gewoon in het water en trekken zich er niets van aan. Op zaterdag beginnen alle activiteiten, een soort markt en het oefenen met de waka’s. Erg leuk allemaal, voor Nieuw Zeelandse begrippen is het dan al erg druk. De Maori zijn allemaal erg vriendelijk en willen weten waar je vandaan komt en of we mee komen vieren.
Er is wat protest te horen omdat in de Maori partij in crisis is over allerlei opvattingen mbt regeringsdeelname en wat persoonlijke tegenstellingen. Het enige Maori parlementslid (Hone Harawira) heeft over de andere Maori’s allerlei dingen gezegd in zijn wekelijkse column in de krant. Dat werd niet goed opgevat en er is hommeles (soort LPF ruzie dus). Daarnaast zijn er ook Maorigroeperingen/stammen die niets op hebben met feitelijke uitwerking van de Treaty (en allerlei milieuwetten, privatisering van de economische kroonjuwelen, olieboringen vlak aan de kust etc.); er zijn dus ook wat protesten met een verdwaald spandoek, vlaggen en wat mensen die roepen met als sluitstuk zelfs een echte mars van zo’n 50 demonstranten. Eigenlijk niets spannends of zo. Aan het einde van de middag naar de Treaty grounds gegaan want daar is het onderkomen van de grote kano (die uit 2 grote Kauribomen is gemaakt, van 1 staat de stomp nog). Ook speelt de Royal New Zealand Navy band
 

een half uur en is er een saluut van alle de ambassadeurs die in Nieuw Zeeland verblijven en de premier (John Key) en diverse stamhoofden. De band speelt goed. Ook geven ze nog een toegift. Daarna is op op het terrein nog een optreden van belangrijke opera-zangers maar dat vonden we wat te veel van het goede. De beveiliging van de premier wees ons nog even een Pukeko (moeras koet) die jongen heeft aan, dus nog maar een paar foto’s gemaakt.
Het valt ons trouwens op dat als er feest is in Nederland , het meestal een zootje wordt met dronken mensen enzo maar dat het hier om 11 uur erg rustig is op de camping en we hebben nergens ruzie, vechten of iets anders gezien.
Zondag op tijd op omdat de waka van Waitangi en nog 8 andere kano’s om 9 uur gaan varen.
 
Het is gelukkig eerst bewolkt, dus dat scheelt alweer wat graden. De afgelopen dagen was het rond de 30 graden, dus erg warm. Om zo’n kano te vullen duurt wel even. Ze moeten van achter naar voren de boot vullen en er gaan zo’n 65 man in de grootste (oorlogs) kano. Het hele strand vol met mensen en op een boot in zee staan een paar belangrijke stamhoofden waar de kano’s langsvaren. Het is een indrukwekkend gezicht en je kunt je voorstellen dat 200 jaar geleden de mensen erg bang werden als die bomen van mannen met hun geschreeuw met een kano aan land kwamen om oorlog te voeren.
Na de middag over de brug naar de treaty grounds. Daar worden om 13.00 uur 21 kanonschoten vanaf een marine fregat afgeschoten. Ook speelt de Navy band weer en is er een Maori zanggroep. Terug over het veld met alle stalletjes. Hier hebben ze ook veel informatie stands van open school, vrouwenbeweging, gezondheidsinstellingen. En veel eten, van patat tot poffertjes(jawel)en ook Hangi(een maaltijd die wordt gestoomd met zoete aardappels en vlees). Ook een halve watermeloen met ijs. Een heel apparaat om op te eten. Toen lekker naar de camping en lekker bijkomen. Morgen weer verder naar.............. wie weet. Tot de volgende keer!